Correa, Isabella (ca. 1655-ca. 1700)

 
English | Nederlands

CORREA, Isabella (geb. Lissabon ca. 1655 – gest. Amsterdam ca. 1700), dichteres, vertaalster, schreef in het Spaans. Zij was getrouwd met don Nicolás de Oliver y Fullana (ca. 1620-ca. 1698), legeroverste in Spaanse, vanaf 1672 in Staatse dienst. Over kinderen uit dit huwelijk is niets bekend.

Isabella Correa geldt samen met Isabella Henríquez als een van de weinige joodse dichteressen die vóór 1800 in de Noordelijke Nederlanden actief zijn geweest. Zij werd omstreeks 1655 geboren in een ‘converso’ familie. Deze ‘nieuwe christenen’ waren joden die zich na de verbanningsedicten van Spanje (1492) en Portugal (1497) hadden bekeerd tot het christendom om hun land niet te hoeven verlaten. Omdat op deze groep de verdenking rustte dat zij in het geheim hun oude geloof nog aanhingen, werden zij door de Inquisitie vervolgd. Velen van hen vluchtten naar de Republiek, aangezien de uitoefening van het jodendom in Amsterdam in 1619 officieel was toegestaan. Dit bracht een grote toeloop van onder meer Sefardische (d.w.z. Iberische) joden en cryptojoden teweeg. Isabella Correa maakte deel uit van deze Sefardische gemeente.

Plaats en datum van huwelijk zijn onbekend, maar vast staat dat Isabella Correa was getrouwd met don Nicolás de Oliver y Fullana, een edelman uit Mallorca, die al eerder getrouwd was geweest. Het leeftijdsverschil was aanzienlijk, want don Nicolás had rond Isabella’s geboortejaar al meegevochten in de oorlog van Spanje tegen Catalonië. In 1662 werd don Nicolás, die geïnteresseerd was in bovennatuurlijke zaken, op verdenking van betrokkenheid bij toverij verbannen. Hij vertrok naar de Nederlanden, waar hij als luitenant-kolonel in dienst kwam van het Staatse leger. Zo nam hij in 1672-1675 deel aan de oorlog van de Republiek met Frankrijk (1672-1679). Zeker is dat hij al in 1667 in Amsterdam was, want in dat jaar werkte hij als kosmograaf aan deel tien van de Atlas maior van Blaeu, dat is gewijd aan het Iberisch schiereiland. In Amsterdam hebben Isabella Correa en haar echtgenoot zich waarschijnlijk openlijk tot het judaïsme bekeerd: Isabella gebruikte voortaan haar joodse voornaam Rebecca, don Nicolás zijn joodse naam Daniël Judah.

In Amsterdam waren Correa en haar man actief in de kring van de invloedrijke Spaans-joodse dichter (Miguel) Daniël Levi de Barrios. Correa was ook lid van de Spaanse rederijkerskamer Academia de los Floridos, in 1685 opgericht door don Manuel de Belmonte. Zij stond bekend om haar eruditie en talenkennis: zij las Latijn en Grieks, evenals Portugees, Spaans, Italiaans en Frans. Barrios wijdde in zijn Sol de vida (1679) enkele vleiende regels aan haar: ‘A doña Isabel Correa, tan célebre por la beldad como por el ingenio’ (‘Aan Isabella Correa, even geroemd om haar schoonheid als om haar vernuft’). Ook meldt hij dat zij een bundel gedichten had geschreven. Vermoedelijk werd dit werk van haar in besloten kring of tijdens bijeenkomsten van de Academia voorgedragen; de bundel is in ieder geval niet uitgegeven en niet bewaard gebleven.

Isabella Correa was de eerste vrouw die naar het Spaans vertaalde. In 1694 verscheen haar vertaling uit het Italiaans van El pastor Fido (1590) van Giovanni Battista Guarini, een pastoraal toneelstuk dat eeuwenlang zeer populair is gebleven.  Twee exemplaren van Correa’s vertaling worden bewaard in de Biblioteca Nacional te Madrid. Hoewel identiek, heet het ene exemplaar uitgegeven te zijn in Amsterdam door ‘Juan Ravenstein’ en het andere in Antwerpen door ‘Henrico y Cornelio Verdusen’. Waarschijnlijk was het vermelden van Antwerpen in plaats van het ‘rebelse’ Amsterdam, verblijfplaats van vele uitgeweken Iberische joden, bedoeld om de censuur van de Spaanse Inquisitie niet onnodig op haar werk te attenderen.

In haar proloog stelt de vertaalster dat zij Guarini’s werk was gaan vertalen om zich niet bezig te hoeven houden met naaldwerk. Als vertaalster toont zij zich weinig bescheiden: haar El pastor Fido moet eerder als een bewerking worden beschouwd, want Isabella Correa voegde tal van reflecties toe aan de tekst. Het is duidelijk dat zij daarmee het origineel wilde overtreffen. Haar toevoegingen, aangegeven door asterisken, zijn gesteld in een barokstijl die doet denken aan de Spaanse toneelschrijver Luis de Góngora. Ook bracht zij meer afwisseling aan in het metrum dan haar voorganger, de vertaler Suárez de Figueroa, had gedaan in zijn twee vertalingen van het stuk (1602 en 1609).

Over het leven van Isabella Correa in Amsterdam is verder niets bekend; aangenomen wordt dat zij er rond 1700 is gestorven.

Naslagwerken

Jewish encyclopedia; NNBW.

Publicaties

El pastor Fido, poema de Baptista Guarino, traducido de Italiano en metro español, e ilustrado con reflexiones, por doña Isabel Correa. Dedicado a don Manuel de Belmonte, Barón de Belmonte, Conde Palatino y Regente de su Magestad Católica (Amsterdam [Juan Ravenstein] 1694) [Ook uitgegeven met onderschrift: “En Amberez, por Henrico y Cornelio Verdusen, mercaderes de libros, año M.D.C.XCIV].

Literatuur

  • M.(D.L.) de Barrios, Relación de los poetas y escritores Españoles de la nación judayca Amsterdama (Amsterdam 1684).
  • M. Kayserling, Biblioteca Española-Portugueza-Judaica (Straatsburg 1890; herziene herdr. New York 1971).
  • M. Kayserling, Sephardim. Romanischen Poesien der Juden in Spanien. Ein beitrag zur Literatur und Geschichte der spanish-portugiesischen Juden (Leipzig 1859; herdr. Hildesheim 1971).
  • María Isabel López Bascuñana, ‘Nicolás Oliver Fullana, judaizante mallorquín’, Dialogos Hispánicos de Amsterdam 8 (1989) 69-89.
  • Francisco López Estrada, ‘Isabel Correa, escritora sefardf del Amsterdam barroco’, La Torre 7,26 (1993) 123-146.

  • J.A. Hormigón, Autoras en la historia del teatro español (1500-1594), deel 1 (Madrid 1996).
  • Francisco López Estrada, ‘Una voz de la Holanda hispánica sefardí: Isabel Rebecca Correa’, in: M. Bosse e.a. red., La creatividad feminina en el mundo barroco hispánico. María de Zayas - Isabel Rebeca Correa - Sor Juana Inés de la Cruz, deel 2 (Kassel 1999) 395-417.
  • Kenneth Brown, ‘A Catalan speaker at Esnoga: Nicolau d’Oliver I Fullana (Majorca, 1620; the Dutch Netherlands [?] 1698)’, Zutot. Perspectives on Jewish Culture 3 (2003) 97.

Auteur: Liesbeth Geevers

Biografienummer in 1001 Vrouwen: 369

laatst gewijzigd: 13/01/2014

De datum onder dit biografisch lemma geeft aan wanneer er voor het laatst aanvullingen en/of correcties in het stuk zijn doorgevoerd. Met ingang van 2023 is het project afgesloten.