Titel

Periode

  • 1830 - 1872

Status

  • Afgesloten

Gedrukte publicaties

Periode

Rubrieken

Selectie

Cumulatieve index van personen op de Briefwisseling van J.R. Thorbecke - met biografische aantekeningen

Faber van Riemsijk, zie Riemsdijk, Faber van.

Faber, J.G.A., 1823-1885, advocaat en plaatsvervangend lid van de arrondissementsrechtbank te Hoorn, sedert 1860 inwoner van Amsterdam, schoolopziener in het tiende district van Noord-Holland 1857-1864: VI-60, 163, 169, 170, 179, 180, 342, 343.

Fabricius/Fabritius, C.F.H. de, 1775-1844, raad van legatie te Parijs sedert 1814, zaakgelastigde 1837-1838: II-235; III-205-207, 211, 221.

Fabvier, C.N. baron, 1782-1855, Frans veldmaarschalk, in 1831 op non-actief gesteld: I-95.

Fagel, F.H.R.R. baron, 1828-1890, zwager van A. baron Mackay, kamerheer des konings 1852-1890, referendaris bij het Kabinet des Konings 1861-1872: VII-143.

Fagel, R. baron, 1771-1856, luitenant-generaal 1814, gezant te Parijs 1814-1854, generaal der infanterie 1840: I-193, 199; III-205-207, 326, 327; IV-1, 319.

Faider, C.J.B.F., 1811-1893, advocaat-generaal bij het Belgische Hof van Cassatie 1851-1852 en 1855-1871, minister van Justitie 1852-1855: VI-84, 89.

Faille, J. Baart de la, 1795-1867, hoogleraar in de medicijnen te Groningen 1832-1865: IV-154; V-300.

Falck, A.R., 1777-1843, (algemeen) secretaris van Staat 1813-1818, minister van Publiek Onderwijs, Nationale Nijverheid en Koloniën 1818-1824, ambassadeur te Londen 1824-1832, eerste gevolmachtigde op de conferentie van Londen 1830-1832, minister van Staat 1832, gezant te Brussel 1839-1843: I-68, 75, 86, 92, 101-103, 106, 138, 193, 199, 225, 241, 245, 312, 317, 333; II-246, 329, 387, 388, 390-394, 400, 401, 403, 454, 457, 476, 477; III-13, 43, 88-91, 94, 95, 138, 194, 198, 210, 219, 276, 281, 283, 284, 302, 326, 338, 339, 391, 441, 456, 459; IV- 10, 85, 180 212; V-303, 551; VI-397-399.

Farncombe Sanders, zie Sanders, Farncombe.

Farret, C. Zoutmaat, 1807-1851, ingeschreven als student in de rechten te Leiden 26.5.1827, gepromoveerd 29.6.1833: I-427.

Faure, R.T.H.P.L.A. van Boneval, 1826-1909, referendaris bij Financiën 1853-1856, hoogleraar in de rechten te Groningen 1856-1859 (buitengewoon 1856-1858) en te Leiden 1859-1892: VI-354, 355.

Favauge, C.A. de, 1774-1858, generaal-majoor: II-237.

Feen, Z.H. van der, 1791-1845, arts te Amsterdam: I-400.

Feith, H.O., 1778-1849, advocaat te Groningen 1803?-1838, lid van de raad 1827-1847, lid van de Staten 1829-1840, archivaris van de provincie 1832-1849, raadsheer in het provinciaal gerechtshof 1838-1849: II-408, 470, 482, 483, 488, 491; III-223, 265.

Feith, H.O., 1813-1895, zoon van H.O. Feith, student in de rechten te Groningen sedert 1830, archivaris van de provincie 1849-1882, lid van de gemeenteraad 1859-1889: II-232; VI-443.

Feltz, J. van der, 1825-1904, jonkheer 1867, broer van W.A. van der Feltz, lid van de arrondissementsrechtbank te Assen 1858-1872, burgemeester van Voorst 1872-1887: VII-395, 398.

Feltz, W.A. van der, 1824-1910, jonkheer 1867, burgemeester van Assen 1856-1878, lid van de gemeenteraad 1859-1887: VII-118, 221, 270, 332, 356.

Ferdinand I, 1373-1416, koning van Aragon 1412-1416: II-8.

Ferdinand I, 1793-1875, keizer van Oostenrijk 1835-1848: II-244; III-212.

Ferdinand II, 1452-1516, koning van Aragon 1479-1516: II-8.

Ferdinand IV, 1751-1825, koning van Napels, sedert 1816 van de Beide Siciliën 1759-1825: III-489.

Ferdinand VII, 1784-1833, koning van Spanje 1814-1833: I-354, 387; II-8; III-476, 478, 485, 493-497.

Ferrand, J.H., 1792-1866, inspecteur van de Waterstaat 1849-1857, hoofdinspecteur 1857-1858, gepensioneerd 1858: V-291; VI-38.

Ferrand, P.S.P., 1789-1863, referendaris bij Binnenlandse Zaken 1839-1848: IV-327.

Ferriar, J., 1761-1815, Brits arts en letterkundige: III-147.

Fesch, J., 1763-1839, kardinaal 1803, Frans gezant te Rome: III-489.

Fieschi, G., 1790-1836, pleegde een aanslag op Lodewijk Filips: II-244, 423, 425, 454.

Fievez, H.L., 1796-1869, lid van de Algemene Rekenkamer 1851-1869: VI-181.

Fijnje van Salverda, J.G.W., 1822-1900, zoon van H.F. Fijnje van Salverda, spoorwegingenieur, ingenieur van de Waterstaat 1858-1863: VI-366, 367.

Fijnje van Salverda, H.F., 1796-1889, hoofdingenieur van de waterstaat in Noord-Brabant 1849-1854: V-326, 328.

Filips de Goede, 1396-1467, hertog van Bourgondië, Brabant enz.: IV-379, 380.

Filips II, 1527-1598, koning van Spanje 1556-1598: II-471, 714, 716, 718; IV-44, 196, 380; V-472; VII-414.

Filips V, 1683-1746, koning van Spanje 1700-1746: II-9.

Fink van Finkenstein, A.D.H. gravin, 1774-1847, huisgenote van J.L. Tieck: I-91, 166, 168, 418, 433, 442, 444, 446; II-107, 126, 136, 139, 145, 153, 164-167, 174, 223, 344, 418, 435, 541, 546, 559, 561, 567, 571, 576-578, 581, 588, 589, 593, 597-601, 604-606, 609-612, 621, 625, 629, 650-653, 664, 667, 670, 671, 673.

Fischer, mevrouw: II-568, 569.

Flament, C.S., 1758-1835, bibliothecaris van de Koninklijke Bibliotheek 1814-1835: I-274, 288; II-267 282, 537.

Fleck, H., 1814-1833, ingeschreven als student in de rechten te Leiden 27.8.1831: I-427.

Flooren, C.A., ca. 1800-1882, advocaat te Steenbergen: V-270, 271.

Fock, C., 1828-1910, burgemeester van Haarlem 1859-1866, lid van de gemeenteraad 1861-1866, lid van de Provinciale Staten van Noord-Holland 1861-1866 en 1868, burgemeester van Amsterdam 1866-1868, lid van de gemeenteraad 1867-1868, minister van Binnenlandse Zaken 1868-1871, lid van de Tweede Kamer 1871, commissaris des konings/der koningin in Zuid-Holland 1871-1900: VII-18, 19, 270, 272, 286, 289, 294, 299, 301-311, 313, 318, 319, 322, 324, 325, 332, 333, 336-338, 341, 344-347, 349, 351, 354, 356, 362, 377, 378, 380, 385, 386, 394, 395, 400, 401, 441-453, 457, 501, 503, 510, 511, 513, 514.

Fock-Uyttenhooven, M.A., 1830-1909, zuster van A. Uyttenhooven, echtgenote van C. Fock: VII-319.

Focke, H.C., 1802-1856, auditeur-militair te Suriname 1837-1846, lid van het gerechtshof 1837-1852, president van het college tot de kleine zaken 1845-1856: V-368.

Fockema, D., 1771-1855, lid van de Tweede Kamer 1822-1830 en 1831-1834: III-421; IV-35.

Foelix, J.J.G., 1791-1853, advocaat te Parijs, redacteur van de Revue étrangère et française de Législation et d'Economie politique: IV-146.

Fokker, A.J., 1821-1898, secretaris en ontvanger van Zuidzande 1849-1855: V-263.

Fokker, G.A., 1811-1878, lid van de Provinciale en Gedeputeerde Staten van Zeeland 1853-1865 en 1871-1878, lid van de Tweede Kamer 1849-1850 en 1865-1870: VII-131, 217, 261, 357, 435.

Fonseca, zie Suasso Diaz da Fonseca, Lopez.

Fontan, L.M., 1801-1839, Frans journalist en toneelschrijver: II-340, 342; III-296.

Fontein, A.G. van Dalsen, 1811-1852, ingeschreven als student in de rechten te Leiden 18.6.1832, gepromoveerd 10.12.1835, advocaat te Leeuwarden: II-463-465, 468.

Fontein Verschuir, zie Verschuir, Fontein.

Forchhammer, P.W., 1801-1894, buitengewoon hoogleraar in de klassieke letteren en antiquiteiten te Kiel 1836-1843: III-166, 167.

Foreest, jkvr. A. van, 1818-1856, echtgenote (1840) van N. Beets: III-30.

Foreest, jhr. C. van, 1817-1875, advocaat te Alkmaar, lid van de Eerste Kamer 1850-1853, lid van de Tweede Kamer 1853-1869 en 1870-1875: VI-170, 235, 426, 523; VII-215, 308.

Förster, M., te Dresden: II-381.

Förster-Förster, L., 1794-1877: II-382, 384, 385, 652, 660.

Forstner van Dambenoy, H.F.C. baron, 1792-1870, majoor 1834, toegevoegd aan de erfprins van Oranje 1835-1838, chef van de staf van de tweede divisie 1839-1840, kolonel der infanterie 1845, generaal-majoor 1852, minister van Oorlog 1852-1857 en van Marine a.i. 1854-1855, luitenant-generaal 1854, minister van Staat 1857, gepensioneerd 1858, adjudant-generaal des konings 1858-1870: II-183, 193; III-164; V-386, 396, 418, 442, 462; VI-1, 244, 307; VII-467.

Fortuijn, C.J., 1813-1843, advocaat te Amsterdam, medewerker aan De Gids en De Tijdgenoot: IV-50, 156, 266.

Fournier, F.P., voorzitter van de vereniging van Duitse spoorwegdirecties: VII-27.

Fox, C.J., 1749-1806, lid van het Britse Lagerhuis 1768-1806, minister van Buitenlandse Zaken 1782, 1783 en 1806: I-469, 470.

Franck, S.R. van, 1794-1867, inwoner van 's-Gravenhage, lid van de Tweede Kamer 1853-1862: VI-40, 99, 523; VII-20.

Francken N.Gzn., W., 1822-1890, advocaat te Nijmegen, plaatsvervangend lid van de arrondissementsrechtbank 1862-1877, lid van de gemeenteraad 1862-1890, wethouder 1863-1887: VII-299, 300, 512.

François, E., 1784-1838, Belgisch administrateur van de openbare veiligheid 1832-1838: II-472.

Frank, I., ca. 1782-1858, boekverkoper te Brussel, sedert 1832 te 's-Gravenhage: I-489.

Frankamp, L., 1791-1879, majoor der artillerie 1837, sedert 1839 op non-actief: V-500.

Frans I, zie Frans II.

Frans II, 1768-1835, Rooms keizer onder de naam Frans II 1792-1806, keizer van Oostenrijk Frans I 1804-1835: I-241, 242, 253; II-2, 6, 7, 170.

Frans Jozef I, 1830-1916, keizer van Oostenrijk 1848-1916, koning van Hongarije 1867-1916: VI-26, 83, 106, 150, 157, 162, 373, 387; VII-63-66, 254.

Fransen van de Putte, zie Putte, Fransen van de.

Franziska: II-381, 382.

Fraporti, Herr: II-572.

Frederik, 1797-1881, prins der Nederlanden, zoon van Willem I, admiraal en kolonel-generaal 1829-1839, belast met de opperdirectie van Oorlog en Marine 1830-1839, veldmaarschalk 1840: I-2, 3, 137, 139, 146, 147, 150, 169, 175, 176, 189, 191, 192, 207, 224, 232, 250, 286, 309, 316, 317, 323, 324, 367, 408, 416, 428; II-42, 44, 46, 47, 53, 54, 108, 117, 245, 307, 323, 345, 374, 492; III-37, 39, 162, 210, 224, 232, 250, 252, 273, 274, 279, 280, 350, 392; IV-17, 21, 24, 91, 347-352, 360, 361; V-202, 261; VI-249, 398; VII-73, 74, 113, 508.

Frederik, 1804-1881, hertog van Württemberg: III-102.

Frederik, prinses, zie Louise.

Frederik II de Grote, 1712-1786, koning van Pruisen 1740-1786: I-49, 451; II-15, 281, 596, 700; V-524; VII-120.

Frederik Augustus I, 1750-1827, keurvorst van Saksen onder de naam Frederik Augustus III 1768-1806, koning 1806-1827: III-493.

Frederik Hendrik, 1584-1647, prins van Oranje, stadhouder 1625-1647: III-80.

Frederik Willem, 1620-1688, keurvorst van Brandenburg 1640-1688: II-596.

Frederik Willem II, 1744-1797, koning van Pruisen 1786-1797: I-358.

Frederik Willem III, 1770-1840, koning van Pruisen 1797-1840: I-26, 241, 242, 253; II-2, 6, 7, 62, 145, 244, 625, 626, 630; III-46, 130, 143, 151, 172, 187, 201, 219.

Frederik Willem IV, 1795-1861, kroonprins van Pruisen, koning van Pruisen 1840-1861: III-7, 37, 46, 162, 280; IV-17, 57, 76-78, 105, 107, 113, 150, 355-359; V-69, 104, 375, 441; VI-94, 95, 106, 123, 127-129, 161, 270, 299, 307; VII-525.

Fredrik, zie Thorbecke, F.W.

Freislich, G., 1796-1865, notaris te Hasselt 1827-1865: VI-349.

Fremery, J.A. de, 1801-1865, fabrikant te Leiden, lid van de (gemeente)raad 1841-1851, lid van de Tweede Kamer 1849-1850 en 1851-1853: IV-225, 269, 277, 278; V-150, 283, 315, 481, 536; VI-18, 29, 49, 64, 84, 85, 91, 99, 117, 130, 143-148, 153, 195, 230, 233, 257.

Fremery, N.C. de, 1770-1844, hoogleraar in de medicijnen te Utrecht 1795-1840: II-89.

Fremery, P.I. de, 1809-1894, broer van J.A. de Fremery, fabrikant te Leiden, lid van de gemeenteraad 1859-1887: VI-144.

Fremery, P.J.I. de, 1797-1855, zoon van N.C. de Fremery, docent aan de veeartsenijschool te Utrecht 1824-1851, buitengewoon hoogleraar in de wis- en natuurkunde te Utrecht 1829-1855: V-313.

Frère-Orban, H.J.W., 1812-1896, lid van de Belgische Kamer van Volksvertegenwoordigers 1847-1894, minister van Financiën 1857-1870, voorzitter van de ministerraad 1868-1870, minister van Staat 1861: VII-292, 422.

Frets, F., 1779-1845, lid van de Tweede Kamer 1829-1842, vice-president van de rechtbank van eerste aanleg te Rotterdam 1831-1838, president van de arrondissementsrechtbank 1838-1845: I-431; III-120, 190, 333; IV-56.

Fridagh, G.S.G. baron van, 1800-1876, lid van de Algemene Rekenkamer 1841-1866: V-500.

Friedemann, F.T., 1793-1853, Duits onderwijsdeskundige en filoloog: III-124.

Friederike, dienstbode van H.J.C.F. Solger-Von der Groeben: II-582.

Friedländer, L.H., 1790-1851, hoogleraar in de medicijnen te Halle 1819-1851 (buitengewoon 1819-1823): II-660, 661.

Froger, W.A., 1812-1883, eerste luitenant-ingenieur der genie 1842, sedert 1849 architect te Amsterdam: V-369.

Fruin, J.A., 1829-1884, broer van R.J. Fruin, advocaat te Rotterdam, lid van de gemeenteraad 1857-1858, referendaris bij Financiën 1858-1859, hoogleraar in de rechten te Utrecht 1859-1884, lid van de gemeenteraad 1864-1884: VI-286, 305, 361, 362, 403, 579-582; VII-283, 405.

Fruin, R.J., 1823-1899, leraar aan het stedelijk gymnasium te Leiden 1849-1860, hoogleraar in de geschiedenis te Leiden 1860-1894: VI-214, 403.