Cumulatieve index van personen op de Briefwisseling van J.R. Thorbecke - met biografische aantekeningen
Naamen, J.S. van, 1801-1852, lid van de arrondissementsrechtbank te Amsterdam 1838-1852, lid van de Tweede Kamer 1844-1850, lid van de Provinciale Staten van Noord-Holland 1850-1852: V-143.
Naamen (van Eemnes), A. van, 1828-1902, advocaat te Zwolle, lid van de Provinciale Staten van Overijssel 1865-1880, lid van de Tweede Kamer 1866-1879: VI-461, 464; VII-28.
Naamen-Van Naamen, E.A.J. van, 1829-1907, echtgenote van A. van Naamen van Eemnes: VII-28 .
Nacke, misschien J.M. Nacken, ca. 1814-1873, kassier en commissionair te Roermond: VI-248.
Naeke, A.F., 1788-1838, hoogleraar in de klassieke letteren en de welsprekendheid te Bonn 1820-1838: II-183.
Nagel, juffrouw: VI-459, 463.
Nagel, C.A.J.S. baron van, kamerheer i.b.d. van Willem I: III-347.
Nagell (van Ampsen), J.A.C. baron van, 1784-1883, neef van C.S.W.J. baron van Nagell, lid van de Tweede Kamer 1822-1849: I-175, 178.
Nagell (van Ampsen), J.E.H. baron van, 1825-1901, zoon van J.A.C. baron van Nagell, burgemeester van Laren en van Verwolde 1851-1864: V-358.
Nagell (tot Wisch), C.S.W.J. baron van, 1798-1849, neef van J.A.C. baron van Nagell, rechter in de rechtbank van eerste aanleg te Arnhem 1821-1838, lid van de Provinciale Staten van Gelderland 1837-1844, lid van de dubbele Kamer 1840: III-568.
Nahuys, dochter van C.D. Nahuys-Schuyl van der Does: VI-149.
Nahuys, P.C., 1803-1882, baron 1842, rechter in de arrondissementsrechtbank te Arnhem 1838-1865, lid van de Staten van Gelderland 1850-1869, raadsheer in het provinciaal gerechtshof van Gelderland 1865-1869, commissaris des konings in Overijssel 1869-1878: VII-156, 299, 380, 393, 394.
Nahuys, W.C.T. van, 1820-1901, jonkheer 1885, lid van de Provinciale Staten van Overijssel 1854-1862, burgemeester en secretaris van Wijhe 1857-1862, burgemeester van Enschede 1863-1867, burgemeester van Zwolle 1867-1897: VII-37.
Nahuys-Schuyl van der Does, jkvr. C.D., 1800-1866: VI-149.
Nairac, C.A., 1815-1883, zoon van G.J.J. Nairac, ingeschreven als student in de rechten te Leiden 5.9.1833, gepromoveerd 15.10.1838: III-219.
Nairac, G.J.J., 1787-1845, directeur van de registratie in Gelderland, lid van de Raad van State 1844-1845: IV-237.
Nap, C.M., 1807-1886, advocaat te Groningen, lid van de Tweede Kamer 1846-1849: V-28.
Napoleon, 1822-1891, prins, neef van Napoleon I, neef van Napoleon III, prins, lid van de Franse Nationale Vergadering 1848: VI-87, 88; VII-108.
Napoleon I Bonaparte, 1769-1821, eerste consul van Frankrijk 1799-1804, keizer 1804-1814 en 1815: I-129, 216, 273, 286, 287, 290, 366, 372, 376, 451-457, 459-462, 464-466, 469-472, 475-480, 482, 491; II-61, 395, 459, 700; III-22, 126, 129, 166, 209, 325, 338, 454, 457, 472, 480, 486-516, 556; IV-232; V-87, 91, 522; VI-59, 86, 374, 399, 505-507, 509, 511, 512; VII-108, 502.
Napoleon III Bonaparte, 1808-1873, zoon van Lodewijk Napoleon, neef van Napoleon I Bonaparte, neef van prins Napoleon, eerste president van Frankrijk (als Lodewijk Napoleon Bonaparte) 1848-1852, keizer der Fransen 1852-1870: III-210; V-354, 370, 386, 405, 406, 441, 443, 449; VI-56, 57, 60, 87, 89, 125, 129, 150, 168, 211, 270, 373-375, 387, 433; VII-76, 78, 80, 236, 254, 255, 292, 507.
Nassau, graaf van, zie Willem I.
Nassau, H.J., 1791-1873, rector van de Latijnse school te Assen 1825-1848 (provisioneel 1825-1829): III-29, 169, 170; IV-154.
Naue, J.F., 1787-1858, Duits componist: II-660.
Nauta, C.F.F. Rinia van, 1800-1872, kantonrechter te Bergum 1838-1872: 100.
Nayler, B.S., geb. 1796, boekverkoper en uitgever te Amsterdam 1820-1848: III-114, 135, 437.
Nebenius, K.F., 1785-1857, eerste minister van Baden 1838-1839 en 1845-1846, president van de Staatsraad 1846-1848, staatshuishoudkundige: IV-363.
Necker, J., 1732-1804, bankier te Parijs, Frans directeur-generaal van Financiën 1777-1781 en 1788-1789: IV-199-201.
Nederburgh, C.B., 1790-1865, lid van de Tweede Kamer 1842-1849, lid van de Provinciale Staten van Zuid-Holland en van Gedeputeerde Staten 1850-1862: V-131, 168.
Nedermeyer van Rosenthal, zie Rosenthal, Nedermeyer van.
Neeb, H.A., 1826-1896, advocaat te Leiden, plaatsvervangend lid van de arrondissementsrechtbank 1863-1877: VII-308.
Negri, graaf van, carlistisch generaal: III-186.
Nemours, L.C.P.R. hertog van, 1814-1896, zoon van Lodewijk Filips: I-105, 112, 113, 125, 128, 129, 351; II-525; III-554, 555; IV-342.
Nepos, C., ca. 100-ca. 25 v. Chr., Romeins geschiedschrijver: IV-35.
Nepveu, C., 1791-1871, baron 1849, generaal-majoor der infanterie 1841, minister van Oorlog 25.3-22.5.1848, lid van de dubbele Kamer 1848, luitenant-generaal 1852: V-104, 108, 118, 432, 500, 505, 507, 513.
Nes van Meerkerk, J.G. van, 1776-1859, lid van de Tweede Kamer 1817-1818, 1830-1836 en 1840-1843, lid van de dubbele Kamer 1840, lid van de Eerste Kamer 1844-1848: I-38, 105, 417, 431; II-49; III-6, 9, 200, 421, 426, 428, 568, 569; IV-18, 20, 56, 198, 215, 216.
Nesselrode, K.R. graaf, 1780-1862, Russisch minister van Buitenlandse Zaken 1817-1856: I-254; III-219; V-376.
Netscher, J.T., 1786-1864, administrateur van Nationale Nijverheid 1828-1840, lid van de Raad van State 1841-1861 en vice-president 1861-1862, staatsraad i.b.d. 1862-1864: II-60, 97; III-8; IV-84, 327; VII-16.
Neustätter, M., geb. ca. 1827, student in de rechten te Amsterdam 1845-1847, ingeschreven te Leiden 5.3.1847, gepromoveerd 29.6.1848: V-72, 73.
Neve, J.B. de, 1778-1852, uitgever van Le Catholique des Pays-Bas te Gent 1826-1830: I-54.
Nicolaas I, 1796-1855, tsaar 1825-1855: I-44, 85, 106, 134, 226, 232, 239, 241, 242, 253, 254, 266, 285, 286, 323, 363, 404; II-2, 6, 7, 122, 244, 337; III-21, 46, 219, 220; VI-41, 60, 77, 84, 86, 89, 105, 135, 167, 513, 514.
Nicolaï, W.F.G., 1829-1896, componist en organist, leraar aan de Koninklijke Muziekschool te 's-Gravenhage 1853-1865 en directeur 1865-1896: VI-443, 447, 452, 466; VII-112, 113, 149, 537.
Niebuhr, B.G., 1776-1831, hoogleraar in de oude geschiedenis te Bonn 1823-1831: I-59, 76; V-443.
Niebuhr, M.C.N., 1817-1860, zoon van B.G. Niebuhr, kabinetssecretaris van Frederik-Willem IV 1851-1857: V-442, 443, 449; VI-94-96, 123, 124, 127, 128, 139, 161.
Niellon, C., 1795-1871, Belgisch generaal-majoor: I-232.
Nienhuis, H., 1790-1862, hoogleraar in de rechten te Groningen 1823-1857: II-232; IV-95.
Niermeyer, A., 1814-1855, hervormd predikant te 's-Heer-Arendskerke 1840-1852, hoogleraar in de theologie te Leiden 1852-1855: V-437, 438; VI-184, 185.
Nierop, A.S. van, 1813-1878, advocaat en procureur te Amsterdam, lid van de Tweede Kamer 1852-1853 en 1864-1866, lid van de gemeenteraad van Amsterdam 1870-1878: V-52, 53; VI-163, 169, 170, 180, 235, 401; VII-138, 144, 191, 193, 209, 268, 273, 429.
Nierstrasz, J.L., 1824-1878, luitenant-ter-zee der eerste klasse 1857, non-actief 1863-1865, lid van de commissie tot examineren van zeeofficieren 1865-1868, kapitein-luitenant-ter-zee 1868, lid van de Tweede Kamer 1868-1877: VII-388, 402.
Nieuwenhuis, C.J.N., 1813-1881, zoon van J. Nieuwenhuis, ingeschreven als student in de rechten te Leiden 1.3.1833, gepromoveerd 9.4.1840, advocaat te Amsterdam, plaatsvervangend kantonrechter te Woerden 1846-1847 en kantonrechter 1847-1857, lid van de arrondissementsrechtbank te Utrecht 1857-1866, raadsheer in het provinciaal gerechtshof 1866-1876: III-399; V-79, 140, 141; VII-296.
Nieuwenhuis, F.G., 1815-1881, koopman te Zutphen, lid van de gemeenteraad sedert 1851, bestuurslid van de kiesvereniging Redding door Bezuiniging: V-284.
Nieuwenhuis, J., 1777-1857, hoogleraar in de filosofie te Leiden 1822-1843: II-196; III-225, 389, 394; IV-149, 190, 201, 226, 254-257; V-201.
Nieuwenhuis, J. Domela, 1836-1924, neef van C.J.N. Nieuwenhuis, advocaat en procureur te Amsterdam 1859-1869, plaatsvervangend kantonrechter te Nieuwer-Amstel 1865-1877, voorzitter van de Amsterdamse kiesvereniging Burgerpligt 1867-1869, leraar staatswetenschappen en handelsrecht aan de handelsschool, later school voor handel en nijverheid 1869-1874: VII-226, 265, 269, 270, 283, 289, 294, 295.
Nieuwenhuyzen, F.N., 1819-1892, resident van Soerakarta 1858-1864, met verlof wegens ziekte in Nederland 1864-1865, lid van de Raad van Nederlands-Indië 1865-1869 en vice-president 1869-1873: VII-315.
Nijgh, H., 1815-1895, uitgever te Rotterdam, oprichter van de Nieuwe Rotterdamsche Courant: VI-273, 274, 276, 278, 279, 318, 319, 517.
Nijhoff, I.A., 1795-1863, provinciaal archivaris van Gelderland, redacteur van Bijdragen voor de Vaderlandsche Geschiedenis en Oudheidkunde sedert 1837: VI-62.
Nijhoff, M., 1826-1894, zoon van I.A. Nijhoff, uitgever te 's-Gravenhage: VI-80, 397, 417; VII-293.
Nijman, D., 1825-1880, advocaat te Zutphen, penningmeester van de kiesvereniging Redding door Bezuiniging: V-133, 151.
Nilant, H.L., 1805-1887, notaris te Zwolle 1837-1866: VI-264.
Nispen tot Pannerden, jhr. C.E.J.F. van, 1807-1870, broer van J.A.C.A. van Nispen tot Sevenaer, lid van de Staten van Gelderland 1835-1848, burgemeester van Zevenaar 1841-1870, lid van de Eerste Kamer 1849-1870: V-296; VI-46, 49.
Nispen tot Pannerden, jhr. C.J. van, 1828-1901, zoon van C.E.J.F. van Nispen tot Pannerden, ingeschreven als student in de rechten te Leiden 1.10.1846, gepromoveerd 20.6.1853, officier van justitie bij de arrondissementsrechtsrechtbank te Middelburg 1857-1861, advocaat-generaal bij het provinciaal gerechtshof van Zuid-Holland 1861-1863: VI-60.
Nispen tot Sevenaer, jhr. C.J.C.H., 1824-1884, zoon van J.A.C.A. van Nispen tot Sevenaer, advocaat te Arnhem, lid van de Tweede Kamer 1871-1884: VI-31.
Nispen tot Sevenaer, jhr. J.A.C.A. van, 1803-1875, lid van de Staten van Gelderland 1829-1850, districtscommissaris van Doetinchem 1838-1850, lid van de dubbele Kamer 1848, lid van de Tweede Kamer 1849-1850 en 1850-1875: V-279; VI-31, 46, 49, 124, 131, 140-143, 146, 156, 202, 203, 336, 523; VII-339.
Nocker, A.E.E.H. de, 1827-1881, wijnhandelaar te 's-Gravenhage: VI-462.
Noël, J.F., directeur-generaal der bruggen en wegen en van de mijnen bij het Belgische ministerie van Openbare Werken: V-377, 403.
Noest, G., ca. 1797-1876, aangesteld bij de universiteitsbibliotheek te Leiden sedert 1825: IV-289, 297, 317.
Nollée-Storm, M.T.A., 1795-1874, zuster van L.D. Storm, inwoonster van Brussel: VI-121, 194.
Nolthenius, P.M. Tutein, 1814-1896, advocaat te Purmerend, burgemeester 1852-1855, lid van de Tweede Kamer 1855-1858 en 1860-1864, burgemeester van Haarlem 1858-1859, lid van de gemeenteraad 1858-1861: VI-169, 180, 291, 297, 343, 401, 523.
Noltenius van Elsbroek, zie Elsbroek, Noltenius van.
Noman, D. van Haren, 1805-1870, uitgever te Zaltbommel: VI-58, 76, 80, 82.
Noordziek, J.J.F., 1811-1886, amanuensis bij de Koninklijke Bibliotheek 1836-1840 en onderbibliothecaris 1840-1847, redacteur van de Nederlandsche Staats-Courant 1847-1849, revisor bij de stenografische dienst van de Staten-Generaal 1849-1854 en directeur 1854-1886, bibliothecaris van de Tweede Kamer 1855-1886, referendaris 1867: II-273, 275; III-169; VII-113.
Nothomb, J.B. baron, 1805-1881, Belgisch diplomaat en schrijver, lid van de Kamer van Volksvertegenwoordigers 1831-1848, minister van Openbare Werken, Marine, Militie en Posterijen 1837-1840 en van Binnenlandse Zaken 1841-1845, gezant te Berlijn 1845-1858: III-262; IV-85; V-376; VI-93, 94.
Nouhuys, G. van, 1776-1849, hervormd predikant te Roosendaal, schoolopziener in het dertiende district van Noord-Brabant: V-270.
Nuhout van der Veen, zie Veen, Nuhout van der.
Numan, C. Star, 1807-1857, hoogleraar in de rechten te Groningen 1834-1857: II-226, 231, 232, 241, 274, 341, 348; III-424; IV-25; VI-297.
Numan, O.W. Star, 1840-1899, zoon van C. Star Numan, ingeschreven als student in de rechten te Leiden 21.9.1858, gepromoveerd 29.5.1869, advocaat te 's-Gravenhage 1869-1880, commies-griffier van de Tweede Kamer 1870-1878: VII-339.
Nypels, L.A.D., 1825-1902, gepromoveerd in de rechten te Leiden 17.12.1846, advocaat te Maastricht, lid van de gemeenteraad 1852-1855: V-106.
Nysingh, A.E.J., 1833-1921, advocaat te Meppel, lid van de gemeenteraad 1863-1899, plaatsvervangend kantonrechter 1868-1874, lid van de Provinciale Staten van Drenthe 1869-1900: VII-312.
Nyst, M.V., 1820-1882, gepromoveerd in de rechten te Leiden 2.2.1846, advocaat te Maastricht: V-106.