Cumulatieve index van personen op de Briefwisseling van J.R. Thorbecke - met biografische aantekeningen
Obreen, F.P.H., 1813-1839, broer van G. Obreen, ingeschreven als student in de rechten te Leiden 19.8.1831: II-272.
Obreen, G., 1808-1883, koopman te Rotterdam, lid van de (gemeente)raad 1845-1862: V-104.
O'Connell, D., 1775-1847, Iers nationalist: III-92.
Odilon Barrot, zie Barrot, Odilon.
Offerhaus, J., 1823-1905, gepromoveerd in de rechten te Groningen 19.5.1847, advocaat te Groningen, burgemeester van Uithuizen 1852-1853: V-364.
Oldenbarnevelt, J. van, 1547-1619, landsadvocaat van Holland en West-Friesland 1586-1618: II-175, 413; III-432; V-201; VI-7, 436.
Oldenhuis Gratama, zie Gratama, Oldenhuis.
Olislager, J.J. d', 1773-1840, lid van de Algemene Rekenkamer 1823-1827, lid van de Raad van State 1827-1830, sedertdien ambteloos: II-476.
Olivier, H.W., 1811-1902, dochter van N. Olivier sr.: IV-61; VI-132.
Olivier, N., 1787-1830, secretaris-generaal van Justitie 1823-1830: III-205, 240; IV-59; V-96; VI-317.
Olivier, N., 1808-1869, zoon van N. Olivier sr., ingeschreven als student in de rechten te Leiden 15.9.1830, gepromoveerd 27.6.1835, advocaat en repetitor te Leiden, redacteur van Themis 1840-1854, sedert 1842 staatkundig redacteur van de Arnhemsche Courant 1842-1849, lid van de (gemeente)raad 1847-1862, wethouder 1855-1862, lid van de Tweede Kamer 1858-1862, 1866 en 1869, minister van Justitie 1862-1866: II-236, 361, 465, 466, 514; III-109, 157, 165, 197, 202, 205, 206, 214, 222, 224, 232, 240, 247, 255, 258, 260, 261, 270; IV-23, 38, 59, 61, 95, 98, 99, 102, 111, 112, 115, 116, 123, 137, 139, 156, 170, 186, 217, 237, 241, 266, 271, 277, 315, 328, 331; V-2, 5, 42, 60, 61, 63, 96, 97, 104, 113, 126, 134, 135, 140, 146, 150, 188, 215, 228, 229, 319, 396, 454, 455, 488, 536; VI-23, 49, 117, 132, 143, 145, 259, 293, 295, 297, 308, 311, 316, 317, 349, 354, 376, 402, 408, 410-413, 415, 416, 420-422, 425, 426, 451, 453, 456, 470, 478, 487, 489, 490, 543, 567-569, 572, 574-577; VII-9, 19, 67, 121, 131, 134, 135, 137, 140, 144-148, 151, 160, 163, 166, 168, 170, 172, 173, 209, 211, 212, 215, 219, 222, 223, 233, 246, 251, 258, 274, 276, 286, 287, 295, 309, 310, 317, 321, 367, 416, 432, 503, 522, 534.
Olivier, W.C.D., 1820-1885, zoon van N. Olivier sr., ingeschreven als student in de rechten te Leiden 22.2.1839, gepromoveerd 29.6.1847, advocaat te Leiden, medewerker en sedert 1860 redacteur van de Arnhemsche Courant, plaatsvervangend lid van de arrondissementsrechtbank te Leiden 1861-1875: IV-38, 61, 97, 98, 221, 223, 331; VI-117, 132, 145, 202, 407, 409; VII-140, 141, 173, 175, 177, 211, 215, 246, 405.
Olivier, W.J., 1788-1846, vertaler, medewerker aan het Algemeen Handelsblad: I-399.
Olivier Schilperoort, T., 1781-1851, journalist: III-372, 373, 375.
Olivier-Bogaers, A.J., 1809-1845, dochter van D.J.F. Bogaers, echtgenote van N. Olivier sedert 1845: IV-277; V-5.
Olivier-Bogaers, G.A.J., 1804-1876, dochter van D.J.F. Bogaers, echtgenote van N. Olivier sedert 1858: VI-574; VII-59.
Olivier-Pranger, W.W., 1788-1854, echtgenote van N. Olivier sr.: III-259; IV-61, 97, 111, 221, 223; VI-132.
Ontijd, C.G., 1776-1844, arts te 's-Gravenhage, voorzitter van de provinciale commissie van geneeskundig toezicht: II-58.
Ontijd, C.G.R., 1808-1877, zoon van C.G. Ontijd, doctor in de medicijnen h.c. te Leiden 1832, arts te 's-Gravenhage: II-61, 65; IV-52.
Oomen, C.W., 1811-1866, secretaris en ontvanger van Ginneken 1833-1865, schoolopziener in het zesde district van Noord-Brabant 1855-1865, lid van de Tweede Kamer 1859-1864: VI-203, 206, 523.
Oordt, J.F. van, 1794-1852, hoogleraar in de theologie te Groningen 1829-1839 en te Leiden 1839-1852: III-280, 282; IV-27, 28, 49, 84, 85, 212; V-437, 440.
Oordt, J.W.L. van, 1806-1884, broer van J.F. van Oordt, ingenieur bij Marine 1844-1849, directeur van de Nederlandse Stoombootmaatschappij te Rotterdam 1849-1875, lid van de gemeenteraad 1851-1857: V-369, 401; VI-316.
Oosterzee, J.J. van, 1817-1882, hervormd predikant te Rotterdam 1844-1862: V-355; VI-185, 186.
Oosting, H.J., 1787-1879, burgemeester van Assen 1831-1856: V-310.
Oosting, J. (1830) Bieruma, 1816-1885, neef van H.J. Oosting, advocaat te Leeuwarden, grietman/burgemeester van Weststellingwerf 1850-1854, lid van de Tweede Kamer 1852 en 1853-1858, lid van de Provinciale Staten van Friesland 1853-1865, kantonrechter te Heerenveen 1858-1871, lid van de gemeenteraad van Schoterland 1867-1872, commissaris van de Maatschappij voor Weldadigheid 1864-1884 (voorzitter 1864-1872), burgemeester van Leeuwarden 1871-1877: V-232, 238; VI-22, 100, 229, 320; VII-367, 368.
Oosting, J. Bieruma, 1842-1902, zoon van J. Bieruma Oosting, lid van de gemeenteraad van Schoterland 1872-1897: VII-397.
Oostveen, C.J. van, 1817-1891, publicist en uitbater van een leesinrichting voor dagbladen te 's-Gravenhage, sedert 1856 redacteur van De Snelbode: VI-72, 225.
Oppel, mevrouw: VI-371.
Oppenheim, A., bankier, chef van de commissionairsfirma Gebr. Oppenheim & Comp. te Amsterdam: IV-268.
Opperdoes Alewijn, zie Alewijn, Opperdoes.
Opzoomer, C.W., 1821-1892, ingeschreven als student in de rechten te Leiden 19.2.1839, gepromoveerd 31.10.1845, hoogleraar in de filosofie te Utrecht 1846-1889: IV-153, 154, 322, 323; VI-354, 355, 403; VII-30, 43, 44, 282, 283, 304, 310, 372, 373, 392, 450.
Orelli, J.K. von, 1787-1849, hoogleraar in de letteren te Zürich sedert 1833: III-210.
Orleans, F.P.L.C.H. hertog van, 1810-1842, zoon van Lodewijk Filips: I-203, 257, 258, 351; II-525; III-55.
Orlers, J.J., 1570-1646, Leids regent, historicus: III-395, 397.
Orloff, A.F. graaf, 1786-1861, Russisch generaal en diplomaat, op diplomatieke missie in Londen 1832: I-285-287, 291, 293.
Osenbruggen, C. van, 1809-1886, praeceptor aan het stedelijk gymnasium te 's-Gravenhage 1833-1865: VI-296.
Ossewaarde, P.A., 1775-1853, secretaris-generaal van Financiën sedert 1831, raadadviseur bij Financiën 1845-1853, minister van Financiën a.i. 1848: III-398, 400-402; V-119.
Otten, W.F., geb. 1823, ingeschreven als student in de rechten te Leiden 14.2.1844, gepromoveerd 15.9.1847, advocaat te Leiden: V-78.
Ottley, W.Y., 1771-1836, kunsthistoricus, hoofd van het prentenkabinet van het Brits Museum 1833-1836: II-5.
Otto, F.: III-235.
Oude, L. de, inwoner van Brouwershaven: VI-19.
Oudemans, A.C., 1831-1895, assistent van G.J. Mulder te Utrecht 1853-1864, hoogleraar in de scheikunde te Delft 1864-1895: VII-97, 99.
Oudermeulen, E. van der, 1801-1853, broer van F. van der Oudermeulen, luitenant-kolonel bij de Haagse schutterij: III-424.
Oudermeulen, F. van der, 1797-1864, lid van de (gemeente)raad van Amsterdam 1829-1864, wethouder 1831-1843, lid van de (Provinciale) Staten van (Noord-)Holland 1836-1848 en 1849-1853, directeur van de Nederlandse Handel Maatschappij 1844-1850, lid van de Eerste Kamer 1848-1849 en 1853-1864: V-130, 500.
Oudorp Kortebrant, J., 1814-1874, fabrikant te Kralingen, secretaris 1845-1867: V-336.
Oultremont de Wégimont, H.A.F.L. gravin d', 1792-1864, hofdame van koningin Wilhelmina: III-290, 376, 380, 386, 390, 441.
Outeren, G.P. van, 1799-1855, advocaat te Leiden, lid van de commissie van administratie over de gevangenissen te Leiden, lid van de (gemeente)raad 1839-1855, burgemeester van Zoeterwoude 1849-1854: II-515; IV-59; V-94, 143, 475, 485.
Outeren, J. van, 1813-1886, broer van G.P. van Outeren, ingeschreven als student in de rechten te Leiden 28.2.1830, gepromoveerd 3.7.1835, advocaat te Leiden, secretaris van de commissie van administratie over de gevangenissen te Leiden 1841-1880, plaatsvervangend lid van de arrondissementsrechtbank te Leiden 1844-1845 en lid 1845-1862: II-236, 237, 244; IV-59, 61, 260.
Outeren-Van Heukelom, J.H. van, 1820-1854, nicht van L.C. Luzac, echtgenote van J. van Outeren sedert 1844: IV-260.
Outshoorn, C., 1812-1875, architect: VII-100.
Ouvrard, G.J., 1770-1846, Frans financier: I-338, 370, 371.
Overstraten, J.P.C. van, geb. 1801, kapitein der artillerie 1837, hoogleraar aan de Koninklijke Militaire Academie te Breda 1843-1852, commandant 1852-1857, majoor 1852: V-182.
Overzee, J.J. van, 1812-1888, koopman te Rotterdam: VI-412.
Oyseleur de Villiers, zie Villiers, L'Oyseleur de.