‘SELECTIE’ bevat een directe toegang tot een aantal in vorm of inhoud samenhangende publicaties. Het gaat hierbij, met andere woorden, om een beredeneerde keuze, die de gebruiker attent moet maken op verwante uitgaven van het ING, die hem anders mogelijk zouden ontgaan.
Individuele personen
Individuele personen kunnen door hun bezigheden, ideeën of leven een belangrijke rol in het verleden hebben gespeeld. De schriftelijke neerslag daarvan is daarom van belang en kan verschillende soorten informatie bevatten, zoals bestuurlijk, economisch, intellectueel of persoonlijk. Uitgaven van officiële documenten, brieven of dagboeken maken deze bronnen toegankelijk.
Uitgaven van documenten over bepaalde onderwerpen die tevens – door de documenten zelf of de inleiding op de uitgave – inzicht geven over de auteur als persoon, zijn opvattingen of familie zijn:
- D.V. Coornhert 1541-1590
- Brieven en bescheiden Daniël van der Meulen 1584-1600
- Bescheiden Johan van Oldenbarnevelt 1570-1620
- Adviezen C. Snouck Hurgronje 1889-1936
In briefwisselingen komen dikwijls vele onderwerpen aan de orde, ook van persoonlijke aard als de relatie tussen de correspondenten daartoe de ruimte laat:
- De briefwisseling tussen Béatrix de Cusance en Constantijn Huygens 1652 –1662
- De correspondentie van Willem van Oranje
- Brieven Hugo de Groot 1597-1645
- Brieven Constantijn Huygens 1606-1687
- Brieven Willem III en Hans Willem Bentinck 1656-1702
- Brieven Anthonie Heinsius 1702-1720
- Brieven Simon van Slingelandt en Sicco van Goslinga 1697-1731
- Brieven en bescheiden G. Groen van Prinsterer 1808-1876
- Brieven J.R. Thorbecke 1830-1872
- Briefwisseling tussen Elias Canneman en Isaac Jan Alexander Gogel
Dagboeken, autobiografieën en mémoires behoren tot de meest persoonlijke geschriften. Daarom worden zij ook wel ‘egodocumenten’ genoemd. Het Repertorium Egodocumenten 1813-1914 bevat een overzicht van gedrukte egodocumenten uit de 19e en eerste decennia van de 20e eeuw. Zie de inleiding daar voor andere, soortgelijke, repertoria, ook voor eerdere eeuwen. Uitgaven van egodocumenten vanaf de 16e eeuw zijn:
- Dagboek Egbert Alting 1533-1594
- Dagboek van Gisbert Cuper 1706
- Gedenkschriften Anton Reinhardt Falck 1777-1833
- Dagboek G.K. van Hogendorp 1806-1813
- Dagboek W.H. de Beaufort 1874-1918
- Dagboeken van P.J.M. Aalberse 1891-1947
- Dagboek F. Pinke 1914-1916
- Dagboek O.C.A. van Lidth de Jeude 1940-1945
- Dagboeken C. J. K. van Aalst
- Dagboek Willem de Clercq 1811-1830
De inleidingen op de uitgaven bevatten meestal uitvoerige informatie over de belangrijkste correspondenten. De indices bevatten doorgaans gegevens (zoals leefjaren of beroepen) over de andere, vaak honderden, in de uitgaven vermelde personen. Op enkele meerdelige brievenuitgaven – Huygens, Heinsius, Thorbecke – zijn cumulatieve indices tot stand gebracht die digitaal raadpleegbaar zijn.